Gnocco fritto met coppa en salsa verde

Een Italiaanse snack, perfect bij de aperitivo met bubbels.

Gnocco fritto
Remko Kraaijeveld

Gnocco fritto komt uit Emilia-Romagna, ontstaan uit het verwerken van restjes brooddeeg die werden gefrituurd. Iets anders dan de ons bekende gnocchi dus. Je eet het als snack bij een aperitivo, liefst iets met bubbels. Italianen serveren ’m naturel, met lardo di colonnata, guanciale of coppa di Parma. Wij geven de gnocco een kick met een salsa verde van daslook en tuinbonen. Reuzel koop je bij goede slagers.

Advertentie - Lees hieronder verder
Porties: 4 porties
Voorbereidingstijd: 0 uur 20 minuten
Kooktijd: 0 uur 30 minuten
Totale Tijd: 0 uur 50 minuten
Ingrediënten
100 g

coppa di Parma

300 g

tuinbonen

Olie om te frituren

Voor het deeg
1 tl.

gedroogde gist, of wat verse gist als je eraan kunt komen

90 mL

lauwwarm water

1/2 tl.

suiker

250 g

bloem type 0

35 g

reuzel, gesmolten en gezeefd

5 g

zout

Voor de salsa verde
1

bosje daslook, gewassen (of bieslook en een heel klein beetje knoflook)

2 el.

 kappertjes, plus 2-3 el van het zuur

3 el.

olijfolie

3 el.

neutrale olie (bijv zonnebloem)

Fleur de sel en versgemalen zwarte peper

Extra

Evt keukenmachine met deeghaak

Plasticfolie

Staafmixer

Keukenpapier

Bereidingswijze
  1. Doe voor het deeg de gist in een grote mengkom (als je er een hebt: in de kom van een deegmachine), voeg 25 ml van het lauwwarme water toe en de suiker. Roer goed door met een lepel zodat de gist oplost. Voeg dan 2 el bloem toe, of zoveel als nodig is om er een zachte, homogene massa van te maken. Laat afgedekt 30 min rusten op een warme plek.
  2. Voeg daarna de resterende bloem toe en de gesmolten reuzel. Los het zout op in de rest van het lauwwarme water en voeg toe aan de mengkom. Kneed er met de machine (of met de hand) een soepel en homogeen deeg. Voeg als het deeg te droog voelt wat extra water toe. Kneed het deeg zeker 10 min. Vorm er een bal van, snij er aan de bovenkant met een mes een kruis in en doe over in een bebloemde kom. Dek af met plasticfolie en laat het deeg minimaal 1,5 uur rijzen.
  3. Maak intussen de salsa verde: hak de daslook grof en doe in een hoge beker met de olie. Pureer met de staafmixer. Hak de kappertjes grof en voeg toe met 2-3 el van het kappertjesvocht. Breng op smaak met peper en zout. Dop de tuinbonen en kook ze een paar min in kokend water. Giet af en dubbeldop ze.
  4. Leg het deeg op een bebloemd werkvlak en rol het met de deegroller uit tot een zeer dunne lap. Snij er ruitvormen van met een lengte van circa 10-11 cm. Verhit intussen ruim olie in een pan en frituur de gnocchi per hooguit twee tot ze mooi opbollen. Laat ze uitlekken op keukenpapier en leg er meteen een plakje coppa op zodat deze een beetje smelt. Herhaal tot het deeg op is.
  5. Serveer de gnocchi met de salsa verde en drink er een bubbelwijn bij.

Receptuur, styling en foodstyling Vanja van der Leeden, fotografie Remko Kraaijeveld

Advertentie - Lees hieronder verder
Meer van Vlees